|
|
|
|
|
Deze woorden zijn toepasbaar op het werk van de beeldend kunstenares Gerda Jonker. Het probeert datgene wat achter het zichtbare aanwezig is, zichtbaar te maken. Van oudsher onderscheidt men in de schepping vier elementen, water - lucht - vuur - aarde. Al het bestaande is uit deze elementen opgebouwd. Maar er is méér. Er moeten ook krachten zijn die deze elementen bijeenhouden zoals de zwaartekracht, waardoor ze gewicht hebben. Zo zijn er ook andere krachten, waardoor ze niet uit elkaar vallen en een eenheid blijven vormen. Het zijn etherische krachten, bouwkrachten als cement dat alle deeltjes van de werkelijkheid bijeenhoudt. In ieder organisme is sprake van bestaanskracht en groeikracht. Alle zaad ontkiemt en groeit van chaos naar samenhang en eenheid dankzij die etherdeeltjes. Onzichtbaar is het wel degelijk aanwezig voor wie het wil zien en herkennen. Wat beeld kunstenares Gerda Jonker op het doek wil brengen is die organische wereld…………………. Zij gaat er daarbij van uit, dat al het levende door geestelijke impulsen wordt geregeerd. Dat is al zo bij het eerste bewegen van een baby, van de eerste hartslag tot het versnellen ervan bij verliefdheid of verdriet en tot zijn laatste hartklop als hij sterft.
Zo verbindt haar kunst twee werelden met elkaar, de zichtbare en de onzichtbare, de buitenwereld en de binnenwereld, het aardse en het bovenaardse. Het is te vergelijken met wat Josef Beuys met vet deed. Vet was voor hem symbool van leven en in leven blijven, de krachtpotentie van alle menselijke ontwikkeling. Juist door de aanwezigheid van vet bleef hij na een vliegtuigongeluk in leven. Sindsdien was vet voor hem gelijk , warme gevoel, gestold vet werd symbool voor de harde menselijke ratio. Beeldend Kunstenares Zo werkt Gerda met die etherische oliën. Ze zijn vluchtig, maar zeer werkzaam. Zij maakt tevens gebruik van blad goud - als element van straling -, blad zilver - als element van water - en blad koper - als dat van warmtegeleider. En als verdere concretisering van haar gedachtegang verschijnen in haar werk oervormen van de schepping, b.v. de vijfhoek, niet abstract en wiskundig, maar in de verschijningsvorm van een rozenblaadje. Met zijn vijf blaadjes is de roos het symbool van de allesomvattende liefde. Het is een pentagram, een microkosmos, zoals de menszelf, wanneer hij met uitgestrekte armen, hoofd en benen de cirkel van zijn universum omvat en aldus de macrokosmos imiteert. In haar werk gaat Gerda op reis door en rond die roos, waarbij gevoelens, tastzin, reuk en luchtstromingen een rol spelen. En als beschouwende reisgenoot kom je onderweg steeds voor verrassingen te staan. Ook de lelie is met zijn knol zonder vruchten een symbool, van de aarde en van de gebondenheid aan deze wereld. Daar ligt altijd de basis, alleen vanuit de aarde is er een boven, een links en een rechts, en steeds is daarbij die middelpuntzoekende tendens, die aan haar werk zoveel energie, vaart en spanning geeft. Tenslotte vertegenwoordigt de ronde O die etherische groeikracht, noem het maar ei, ring, druppel: klein, maar overal aanwezig. Zo is - als alle kunst - haar werk imitatie van de natuur. Zo werd het vroeger al gezegd: Ars simia naturae: kunst als na-aperij van de natuur, de kunstenaar als aap! Haar werkwijze is daarbij zeer doordacht en geraffineerd. Eerst worden de elementen duidelijk en "mooi" op het doek gezet om daarna als het ware weer "verpest" te worden door allerlei componenten en schakeringen. En zo ontstaat datgene wat zij groeibeeld noemt. Zo groeit ook de mens-zelf, tussen wit en zwart in krijgt hij zijn eigen onvervreemdbare kleur. Alle vormaspecten als kleur - compositie - beweging - ruimte - licht en donker ontstaan juist vanuit deze gedachtewereld. Wie met deze ideeën en gedachten haar werk tegemoet treedt, maakt de meeste kans, dat hij dit werk leert begrijpen en waarderen.
Leo Peijs, voorzitter STAA - Alphen aan den Rijn
|
|